Opdracht

Inleiding

U kunt op verschillende manieren toetsen. Hoe u toetst hangt niet alleen af van de stof, maar ook van het doel van uw toets. Gaat het om beoordelen, dan moet de toets het mogelijk maken om vast te stellen of de leerling het beoogde leerdoel heeft bereikt. Gaat het om diagnosticeren of monitoren, is de rol van de feedback daarna cruciaal voor het verwezenlijken van het toetsdoel.
De relatie tussen leerstof, toets- en leerdoelen en toetsvorm speelt in beide gevallen een belangrijke rol.
Open toetsvormen hebben als voordeel dat hogere denkvaardigheden en productieve vaardigheden van de leerlingen beter in kaart gebracht kunnen worden. Anderzijds is er voor een objectieve en betrouwbare correctie meer tijd en inspanning nodig.
De meeste toetsvormen lenen zich om zowel formatief als summatief gebruikt te worden; er moet wel onderscheid worden gemaakt in de wijze van beoordeling: bij formatief is de beoordeling gericht op leerpunten, bij summatief op kwalificering. Een formatieve toets werkt ook alleen als gevolgd door een goede feedback. 

Opdracht
Vul het schema in. Vergelijk het daarna met het door ons ingevulde schema.